Een bezorgd burger stelt vragen aan machthebbers

23 maart 2006

Antwoord op: Dijksma

Hieronder de reaktie van Sharon Dijksma op mijn vraag. Uit haar antwoord blijkt ondermeer dat een idee, gelanceerd in een interview nimmer serieus mag worden genomen en zeker niet "een plan" mag worden genoemd.
Weer wat geleerd, zullen we maar zeggen.

>>Geachte heer, mevrouw W,

Hartelijk dank voor uw bericht. Sharon Dijksma reageert
als volgt:

Hartelijk dank voor uw bericht naar aanleiding van alle
ophef over het interview met mij dat in het blad Forum
van VNO-NCW is verschenen. Allereerst moet mij van
het hart dat er ten onrechte in een persbericht van
VNO-NCW wordt gesuggereerd dat ik zou pleiten voor een
boete voor hoogopgeleide vrouwen die er voor kiezen niet
te werken. Dit is echt onzin, aan een dergelijke
keuzevrijheid zou ik en de PvdA-fractie nooit willen tornen.
Het is dan ook spijtig dat sommige media dit bericht toch
zo naar buiten hebben gebracht. In het bewuste interview
- het is dus geen plan - waarin overigens tal van onderwerpen
aan bod komen, heb ik willen aangeven het zonde te vinden als
vrouwen, maar dat geldt net zo goed voor mannen, hun opgedane
kennis niet in de praktijk brengen. Hiermee gaat belangrijk
en noodzakelijk talent voor de arbeidsmarkt verloren.

Over het terugbetalen van de studieschuld wil ik opmerken
dat de PvdA-fractie eerder voorstellen heeft gedaan voor
een nieuw systeem van studiefinanciering. Daarbij is het
uitgangspunt een sociaal leenstelsel, waarbij ex-studenten
naar rato van het inkomen achteraf hun studiefinanciering
in maximaal 25 jaar terugbetalen. Dat zou er toe kunnen
leiden dat afgestudeerden die er voor kiezen niet te werken
hun schuld niet hoeven terug te betalen. Ik zou het onterecht
vinden als mannen of vrouwen die er bewust voor kiezen
(het gaat dus niet om ongewilde werkloosheid, etc) niet te
werken hun studieschuld niet hoeven terug te betalen.
Dit is niet meer dan rechtvaardig naar al die werkende mensen
toe die na hun genoten studie wel hun studieschuld moeten
afbetalen.

Natuurlijk weet ik heel goed dat er veel jonge (hoog)
opgeleide moeders zijn die dag en nacht in de weer zijn met
het zorgdragen voor de opvoeding van hun kind en daarnaast
ook nog een zware baan hebben. Deze vrouwen hebben een
steuntje in de rug nodig en de overheid kan daarbij helpen.
Ik pleit in het interview dan ook voor betere mogelijkheden
om zorg en arbeid met elkaar te combineren. Tot mijn
ongenoegen is onder dit kabinet de kinderopvang schrikbarend
duur geworden waardoor het in veel gevallen financieel
niet meer loont om te gaan werken. Hiermee gaat dit zo
belangrijke talent voor de arbeidsmarkt verloren en dat zou
dit kabinet zich moeten aantrekken. Ik vind dan ook dat
kinderopvang een basis-voorziening moet worden. Ook kan het
ouderschapsverlof beter geregeld worden dan nu het geval is.

Ik hoop dat bovenstaande tekst voor u het een en ander heeft
verduidelijkt.

Met vriendelijke groet,

Sharon Dijksma
Vice-fractievoorzitter PvdA

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet,

R. Zielstra
Afdeling Voorlichting
Plein 2 | Postbus 20018 | 2500 EA Den Haag
Partij van de Arbeid |

>>Geachte mevrouw Dijksma,

Eerder vandaag stuurde ik U een e-mail (via de PVDA-website)
betreffende het "proefballonnetje" waarmee U opeens vol
in de belangstelling staat.

Jammer dat door het bewuste blad Uw woorden verkeerd zijn
geïnterpreteerd maar toch moet mij iets van het hart.

Klopt het dat U vindt dat de partner van een niet-werkende
vrouw de kosten van haar opleiding aan de staat moet
terugbetalen?

Als dat zo is zal ik mij tweemaal bedenken voordat ik in de
toekomst een huwelijks- of samenlevingscontract aanga want
ik weiger op te draaien voor de kosten die mijn eventuele
partner in het verleden heeft gemaakt.

Maar misschien moet ik maar met een man gaan samenwonen
aangezien ik "de man" in Uw plannen niet terugvind?

Voor de goede orde hieronder het bericht dat ik eerder via
Uw partij stuurde:<<

22 maart 2006

Dijksma

Sharon Dijksma van de PVDA vindt dat niet-werkende vrouwen (gedeeltelijk) moeten opdraaien voor de kosten van hun studie. Ik had daar een paar vraagjes over:


Geachte mevrouw Dijksma,

Heden nam ik kennis van Uw voornemen om hoogopgeleide vrouwen die na hun studie niet werken te verplichten (een deel van)de kosten van die studie terug te betalen aan de overheid. Aannemend dat U doelt op de salarissen van het docentenkorps, onderhoud van het gebouw in kwestie en vele zaken meer stel ik U deze twee vragen:

Gaat Uw plan niet gelden voor mannen die ervoor kiezen na hun studie niet te werken en ten tweede: van welk inkomen gaan de door U bedoelde vrouwen in Uw plan hun "schuld" inlossen?

Gaarne per omgaande Uw oplossing.

Bij voorbaat dank.

P.s. Voor de goede orde meld ik U deze vraag wordt gepubliceerd op http://vragen.blogspot.com

17 maart 2006

Antwoord op: roken

Iets sneller dan verwacht is van het ministerie een antwoord gekomen op mijn vraag over het anti-rookbeleid van minister Hans Hoogervorst:

Geachte heer W,

Bedankt voor uw e-mail met kenmerk 284178, waarin u om een onderbouwd antwoord vraagt aan de minister aangaan het rookbeleid in de toekomst.

Wij beschikken helaas niet over voldoende informatie om uw vraag te kunnen beantwoorden. De vraag die u in uw e-mail aan ons stelt is gericht op een specifieke situatie. Het antwoord hierop kan alleen gegeven worden door een medewerker die uitgebreid op de hoogte is van de regels en richtlijnen.

Uw e-mail hebben wij daarom doorgestuurd naar de afdeling Publieksvoorlichting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) voor verdere beantwoording.
Om uw vraag goed te kunnen beantwoorden, is het mogelijk dat de beantwoordingstermijn langer is dan de eerder aangegeven twee werkdagen.
Wij hopen dat u hier begrip voor heeft.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.


Met vriendelijke groet,

Nel Smeets
Postbus 51 Informatiedienst
Namens het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport

Een echt antwoord is het natuurlijk niet maar het is beter dan geen reaktie...
Ik houd U op de hoogte van de ontwikkelingen.

10 maart 2006

Roken

Minister Hans Hoogervorst wil roken duurder maken. Ik vroeg hem naar het waarom:

Geachte heer Hoogervorst,

Voor zover mij bekend heeft het verhogen van het accijnspercentage op tabak nog nimmer geleid tot een significante daling van het aantal rokende Nederlanders.
Toch denk U dat dat met de door U opnieuw verkondigde maatregel opeens wél zal gebeuren. Op basis van welk nieuw feit denkt U dat?
Het verhogen van de leeftijd vanaf wanneer gerookt mag worden zal ook weinig uitmaken aangezien het al op grote schaal gebeurt dat kinderen ouder uitziende vrienden naar de winkelier sturen. Bovendien zult U zeker de zwarthandel in sigaretten stimuleren. Neemt U zelf maatregelen om dat tegen te gaan of laat U dat liever over aan de heren Donner en/of Remkes?

Gelieve per omgaande Uw onderbouwde antwoord. Blijft dat uit dan zal ik er van uit gaan dat de door U beoogde maatregel niet meer is dan de zoveelste poging van het kabinet om een groot aantal burgers verder op kosten te jagen en de schatkist te spekken. Als U namelijk écht zou menen dat roken slecht is voor de burger dan zou U dat eenvoudigweg verbieden.

Om bijvoorbeeld over het drinken van alcohol en het uitstoten van giftige gassen door de Nederlandsche industrie nog maar te zwijgen.

Voor de volledigheid meld ik U dat deze vraag en het (uitblijven van het) antoord worden gepubliceerd op http://vragen.blogspot.com

Uw spoedige antwoord tegemoet ziend teken ik.